| « Vrijdag 28 mei - A Gudiña - Laza - 35 km. | Zondag 30 mei - Xunqueira de Ambia - Ourense - 22 km. » |
Als je ´s morgens in de refugios wat langer blijft liggen heb je de douches voor jezelf omdat de vroege vogels al voor dag en dauw onderweg willen zijn. Overigens zijn dit ook vaak de mensen die permanent alleen de verharde wegen volgen en weinig zien van de prachtige natuur in de bergen waar de Camino, ook vandaag weer, doorheen loopt. Veel pelgrims zijn slechts op het einddoel (de apostel) gericht en tonen weinig interesse in de natuur, de dorpjes en de bevolking onderweg. Vooral de (vele) Duitsers die hier in march-tempo onderweg zijn hebben vaak maar één vraag als je ze tegenkomt: hoeveel kilometer heb jij vandaag gelopen en hoe lang heb je daarover gedaan? Zij hebben dan altijd verder én sneller gelopen, alsof het een wedstrijd is. Maar goed, ook wij gaan op tijd op pad want het is weer een lange etappe met een zeer steile helling van 5 km. over een bergrug. Eerst moet de sleutel van de albergue teruggebracht worden en dan lopen we via de verharde weg naar Soutelo Verde een gehucht dat nog in diepe rust is, gevolgd door een pad van 7 km. naar Tamicelas, waar het gelijk steil omhoog gaat. Philip wil eerst iets eten en blijft achter, terwijl ik doorloop over het rotsige pad omhoog. Het levert, achteromkijkend, prachtige vergezichten op en gelukkig is het een beetje bewolkt, want het zweet breekt me, ook zonder de zon, al stevig uit. Als ik bijna op de top ben passeer ik Peter (een Duitser uit Ingoldstadt) die alleen onderweg is en als we weer horizontaal lopen haalt Philip ons in. Samen komen we aan bij de bar ´Rincón de peregrino´ waar werkelijk alle wanden, pilaren en het plafond zijn bedekt met jacobsschelpen met de namen erop van de pelgrims die hiet in het verleden passeerden. Ook wij moeten onze naam op een schelp zetten die meteen ergens aan de muur wordt gemonteerd. Ik maak de kroegbaas een compliment over de muziek die hij draait: Mark Knofler and the Dire Straits - heel ongewoon voor een bar in Spanje, maar op deze plek heel inspirerend. Er komt zowaar een glimlach tevoorschijn op zijn norse gezicht. Als we Villar de Barrio bereiken zijn we al 20 km. onderweg en na een pauze in de lokale bar lopen we door kleine gehuchtjes als Bovéda, Vilar de Gomareite en Bobadela waar we een merkwaardig ossen-span tegenkomen dat met een kar met houten wielen, piepend en krijsend de berg af komt. We komen er ook nog een man met 4 koeien tegen die ons verteld dat hij in Lugo werkt en in het weekend zijn oude ouders komt helpen door het vee naar de wei of terug naar de stal te drijven. Als hij stilstaat om met ons te praten blijven ook de koeien rustig wachten en als hij weer beweegt, bewegen de koeien ook. Nét huisdieren. Na een lange wandeling komen we aan in Xuqueira de Ambia bij Casa Rural ´Miraval´. Dat is een complete verassing! Het is de voormalige woning van een minister van Franco, wiens zoon piloot was in het Spaanse leger. Beiden zijn dood en er zijn alleen nog maar enkele neven die profiteren van de verhuur van de 7 nagelaten huizen door heel Spanje. Het huis is ingericht als een museum met schilderijen, beelden, snuisterijen van over de hele wereld, wapens en zelfs een compleet harnas, oud zilver, keramiek en porcelein uit China, teveel om op te noemen. Het contrast met de refugio van gisteren kon niet groter zijn. De mevrouw, die het huis beheert, biedt aan om onze was te doen en daar maken we natuurlijk graag gebruik van. Na een pelgrimsmenu in het naastgelegen restaurantje bezichtigen we de Romaanse kerk Santa Maria uit de 12e eeuw en krijgen ongevraagd een rondleiding door de kerk, het claustro en een verlaten pelgrimshospitaal. Na een bezoek aan de tienda in het dorp, maakt Philip kippensoep en brood met kaas als cena. (avondmaal) ´s Avonds drinken we thee in de ´salon´ en een glas wijn in de ´bibliotheek´. Allemaal een beetje decadent voor pelgrims, maar het voelt prima! Cést la vie...