| « Vrijdag 11 juni - Finistera - Santiago de Compostela per bus. | Zondag 13 juni - Laatste dag in Santiago de Compostela. » |
Als ik wakker word en me ga douchen, zie ik dat het Italiaanse stel dat in de kamer naast mij logeerde, vertrokken is. Als de señora om 9.00 uur verschijnt boek ik ook nog voor zondag op voorwaarde dat ik van kamer kan wisselen. Dat kan gelukkig want die kamer heeft tenminste een écht raam aan de straatkant, een bank om op te zitten en een kleine TV. (die ik niet nodig heb) Ik verhuis mijn spullen en ga in een bar ontbijten met koffie en churros (gedraaide staafjes van een soort oliebollendeeg met poedersuiker - erg lekker!) De zon schijnt intussen en dat is een verademing na bijna een week slecht weer. Bij een terras ontmoet ik een Nederlands echtpaar dat de Camino Francés liep en de man geeft aan genoeg te hebben van de commercie op de Camino. Hij houdt het verder voor gezien. Ik besluit om vandaag te proberen om een gratis maaltijd te krijgen in de Parador ´Los Reyes Katolicos´. Een Spaanse koningin heeft die traditie ooit ingesteld voor de pelgrims toen het Parador nog een pelgrimshospitaal was. Nu wordt de traditie in stand gehouden door per dag maximaal 10 pelgrims een maaltijd aan te bieden. Ik meld me om 11.45 bij de garage van de Parador samen met een Portugees stel dat de Camino Portugés gelopen heeft. Met een briefje moeten we ons bij de hoofdingang melden en worden vervolgens via de prachtige patios naar beneden geleid in de kelder, waar een ´comedor de peregrinos´ is. In de enorme ondergrondse keuken krijgen we een plateau met 3 gangen; soep met schelpjes en linzen, lomo met groenten en tortilla, rode wijn en pruimen of een banaan als postre. Het is meer dan genoeg en het smaakt goed! Het voelt toch heel bijzonder om even een onderdeel van deze traditie te mogen zijn en na de maaltijd ga ik in de bar van de Parador nog koffie drinken tussen hele sjieke mensen. Aan een tafeltje ontwaar ik drie hoge prelaten van de kathedraal in hun soutane met een paarse band om en een groot kruis aan een ketting op hun borst. Ze hebben een goede fles wijn op tafel staan en keuvelen gezellig tussen de rijkste mensen van Spanje die hier (kunnen) logeren. Aan hun weldoorvoede figuren en hun dubbele kinnen (sorry, ik zie zo´n dingen) kun je zien dat de crisis in Spanje aan hen voorbijgaat. Ze hoeven zich geen zorgen te maken over hun baan, zoals zoveel Spanjaarden op dit moment, dragen geen verantwoordelijkheid voor vrouw en kinderen en hebben hun hele leven gratis kleding, kost en inwoning. Het enige dat ze hoeven te doen is mensen de hemel te beloven (zoals met de volle aflaat die de gelovige pelgrim ´verdient´ met zijn Camino naar de apostel) en zelfs dat is geen garantie want als het niet lukt, ben je het zelf schuld! Had je maar beter naar hen moeten luisteren. Maar dit terzijde. Als ik weer buiten sta is het zonovergoten plein gevuld met een kleurrijke massa die zingt, danst, huilt en lacht in het aangezicht van Jacobus de Meerdere die hoog in de toren troont. Er is ´verdiende´ pijn, gedeelde vreugde en een verbroedering die ik nergens anders zo ben tegengekomen als op deze weg en daarom was ik er ook weer. Voor de laatste keer, want Santiago is heel erg duidelijk een zeer succevol marketingproduct geworden waar het land én de kerk miljoenen aan verdienen. Dat mag van mij, maar ik hoef er dan geen deel meer van uit te maken.
´s Middags is Santiago een heksenketel, het mooie weer is daar natuurlijk ook debet aan. Je moet een programma bedenken om niet onder te gaan in deze chaos. Ik bezoek de grote kerk van San Martin, waar ik als pelgrim voor 1.50 euro binnen mag. De kerk en het bijbehorende groot Seminario zijn nu een museum. Ik verbaas me weer over de enorme gouden Barokke retabels. Het kon niet op en overal zweven engelen. Er is een interessante afdeling waar je kunt zien hoe bedreven de monniken al waren in de boekdrukkunst en het boekbinden en er is nog een complete apotheek met kruiden die men in de middeleeuwen gebruikte om zieke pelgrims op te knappen. Ook vind ik er drie reliquien van Santiago met o.a. een opgedroogde druppel bloed van de heilige. We weten dat hij waarschijnlijk in Jeruzalem onthoofd is door de Romeinen en pas 800 jaar later door Pelayo is gevonden in Gallicië. Waar ze die druppel bloed vandaan hebben getoverd blijft een raadsel. (of een wonder?) Ook zeer indrukwekkend zijn de houten koorbanken met, in reliëf, afbeeldingen van heel veel heiligen. Ik tel er meer dan twintig die heilig zijn verklaard omdat ze op een of andere gruwelijke manier zijn afgeslacht. Het zo bewonderde martelaarschap om de hemel te verdienen is geen uitvinding van de moslims, onze christelijke cultuur is er vergeven van. Na een glas wijn om even te recapituleren bezoek ik nog een heel mooi modern museum in het centrum. De collectie is een gedurfde combinatie van klassieke- en hedendaagse kunst met prachtige sculpturen en ik zie er ook nog werk van Picasso en Salvador Dali. Dat was genoeg cultuur voor vandaag en ik ga even rusten om later (om 20.00 uur) naar mijn afspraak met Manolo Rodriguez en zijn vrouw te gaan.